Geloofsbelijdenis van de Heilige Athanasius de Grote van Alexandrië, Kerkvader

GELOOFSBELIJDENIS VAN DE HEILIGE ATHANASIUS DE GROTE VAN ALEXANDRIE

KERKVADER

 

  1. Al wie behouden wil worden, heeft vóór alles nodig, dat hij het Katholiek geloof vasthoudt.
  2. Wie dit niet volledig en ongeschonden bewaart, zal ongetwijfeld voor eeuwig verloren gaan.
  3. Het katholiek geloof nu is, dat wij één God in de drieheid en de drieheid in de eenheid aanbidden,
  4. zonder de Personen te vermengen of het Wezen te delen.
  5. Want de Persoon van de Vader, die van de Zoon en die van de Heilige Geest zijn ieder een andere Persoon.
  6. Maar één is de Godheid van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, gelijk is hun heerlijkheid en gelijk van eeuwigheid hun majesteit.
  7. Zoals de Vader is, zo is de Zoon, zo is ook de Heilige Geest.
  8. Ongeschapen is de Vader, ongeschapen de Zoon, ongeschapen de Heilige Geest.
  9. Onmetelijk is de Vader, onmetelijk de Zoon, onmetelijk de Heilige Geest.
  10. Eeuwig is de Vader, eeuwig de Zoon, eeuwig de Heilige Geest.
  11. En toch zijn zij niet drie eeuwigen, maar één Eeuwige.
  12. Zoals zij niet drie ongeschapenen zijn of drie onmetelijken, maar één Ongeschapene en één Onmetelijke.
  13. Evenzo is de Vader almachtig, almachtig de Zoon, almachtig de Heilige Geest.
  14. En toch zijn zij niet drie almachtigen, maar één Almachtige.
  15. Zo is de Vader God, de Zoon God, en de Heilige Geest God.
  16. En toch zijn zij niet drie Goden, maar één God.
  17. Zo is de Vader Heer, de Zoon Heer en de Heilige Geest Heer.
  18. En toch zijn zij niet drie Heren, maar één Heer.
  19. Want evenzeer als wij door de christelijke waarheid genoodzaakt worden elke Persoon afzonderlijk als God en Heer te belijden, worden wij door het katholiek geloof er van weerhouden te spreken van drie Goden of Heren.
  20. De Vader is door niemand gemaakt of geschapen of voortgebracht.
  21. De Zoon is door de Vader alleen, niet gemaakt of geschapen, maar voortgebracht.
  22. De Heilige Geest is door de Vader en de Zoon niet gemaakt of geschapen of voortgebracht, maar Hij gaat van Hen uit.
  23. Eén Vader dus, niet drie Vaders, één Zoon, niet drie Zonen, één Heilige Geest, niet drie Heilige Geesten.
  24. En in deze Drieëenheid is niets eerder of later, niets groter of kleiner, maar alle drie Personen zijn aan elkaar gelijk in eeuwigheid en in hoedanigheid.
  25. Zodat in alles, zoals reeds gezegd is, de eenheid in de drieheid en de drieheid in de eenheid te aanbidden is.
  26. Wie derhalve behouden wil worden, moet deze overtuiging over de Drieëenheid hebben.
  27. Maar het is noodzakelijk voor zijn eeuwig behoud, dat hij ook de menswording van onze Heer Jezus Christus oprecht gelooft.
  28. Het ware geloof is dan, dat wij geloven en belijden, dat onze Heer Jezus Christus, de Zoon van God, evenzeer God als mens is.
  29. God is Hij, omdat Hij uit de natuur van de Vader vóór de tijden is voortgebracht; en mens is Hij, omdat Hij uit de natuur van zijn moeder ìn de tijd geboren is.
  30. Ten volle God en ten volle mens, met een redelijke ziel en een menselijk lichaam,
  31. gelijk aan de Vader naar zijn Godheid, minder dan de Vader naar zijn mensheid.
  32. Hoewel Hij God is en mens, is Hij toch niet twee, maar één Christus.
  33. Eén is Hij, echter niet doordat de Godheid is veranderd in mensheid, maar doordat Hij als God de mensheid heeft aangenomen.
  34. Eén is Hij, volstrekt niet door een vermenging van naturen, maar door de eenheid van zijn Persoon.
  35. Want zoals een redelijke ziel met het lichaam één mens is, zo is ook God en mens één Christus.
  36. Die geleden heeft om ons behoud, is neergedaald in het rijk van de dood, op de derde dag opgestaan uit de doden,
  37. opgevaren naar de hemel, en zit aan de rechterhand van de Vader, vanwaar Hij komen zal om te oordelen de levenden en de doden.
  38. En bij zijn komst moeten alle mensen verrijzen met hun lichaam en rekenschap afleggen van hun eigen daden.
  39. En die het goede gedaan hebben zullen in het eeuwige leven gaan, maar die het kwade gedaan hebben in het eeuwige vuur.
  40. Dit is het katholiek geloof. Wie dit niet oprecht en standvastig gelooft, kan niet behouden worden.

 Amen !

 

Athanasius (°Alexandrië, ongeveer 295; +Alexandrië, 2 mei 373) was patriarch van Alexandrië.

Hij maakte nog de hevige christenvervolgingen onder de keizers Diocletianus en Galerius mee. Op 8 juni 328 werd hij tot opvolger van patriarch Alexander gewijd, die hij als secretaris op het Concilie van Nicaea had bijgestaan. Hij was een bestrijder van het arianisme, dat op het Concilie van Nicaea veroordeeld was. Volgens de H. Athanasius is de herschepping van de mens alleen reëel, als zijn verlosser waarlijk God is. Hij werd 'Vader der rechtszinnigheid' genoemd omdat hij de leerstellingen van Arius die dwalingen waren probeerde te weerleggen; hij toonde daarbij een begaafdheid en een vasthoudendheid, maar vooral een diep geestelijk inzicht. Hij moest vijfmaal in ballingschap; in totaal 20 jaar. Hij onderhield goede betrekkingen met monniken, wier idealen hij beschreef in het Leven van Antonius.

Het Eerste Concilie van Nicea in 325 wordt het eerste oecumenisch concilie genoemd. Het werd bijeen geroepen door keizer Constantijn de Grote en was een samenkomst van driehonderd achttien bisschoppen. Hier werd de officiële leer van de toenmalige kerk en van de latere Rooms-Katholieke en Oosters-Orthodoxe Kerken vastgelegd.

De voornaamste aanleiding tot bijeenroepen van het concilie was de onrust ontstaan door de leer verspreid door Arius. Hier kwam het hart van de Geloofsbelijdenis van Nicea tot stand, die echter pas later tijdens het Concilie van Constantinopel I 381 werd neergeschreven en aangevuld. Deze geloofsbelijdenis steunt onder meer op de verzoeningsleer van Irenaeus, en aldus het geloof in de erfzonde, en het geloof in één God. Het Oude Testament werd niet verworpen en de God van Jezus werd gelijkgesteld aan de God van het Oude Testament, JHWH. De goddelijke natuur van Jezus werd opnieuw bevestigd, en het idee van Jezus als hoogste schepping, zoals het Arianisme beweerde, werd verworpen. Pas door het Concilie van Constantinopel I werd ook de 'status' van de Heilige Geest als derde persoon van God vastgesteld, waarmee de christelijke leer van de triniteit voor altijd werd vastgelegd.

Op het concilie speelde Athanasius (de latere bisschop, maar toen nog diaken onder bisschop Alexander van Alexandrië) een belangrijke rol bij de bestrijding van het Arianisme. Op zijn voorstel werd de Griekse term 'homo-oesios' (= van hetzelfde wezen) voor de natuur van de Zoon ingevoerd, om de wezenseenheid van God de Vader en Zijn Zoon Jezus Christus tot uitdrukking te brengen. Slechts twee bisschoppen weigerden het besluit te ondertekenen. Drie anderen, onder wie Eusebius van Nicomedië, maakten een reserve, waarover nog een halve eeuw gestreden zou worden. Het "geloof van Nicea" zou de dogmatische referentie blijven voor alle andere concilies van de oude kerk.

Tijdens dit concilie werd ook de datum van Pasen vastgelegd. Het werd: de eerste zondag ná de volle maan ná de lente-equinox. Christenen die vasthielden aan de joodse berekeningswijze werden quartodecimanen genoemd.

Daarnaast werd de erenaam patriarch toegekend aan de vier bisschoppen van de belangrijkste steden in het christelijk Romeinse Rijk: Rome, Antiochië, Alexandrië en Jeruzalem.

 

Heilige Athanasius bidt voor ons!

 

PS.

Monseigneur Lefevbre die zoals de H. Athanasius ook door de Kerk ten onrecht in de ban is gedaan geweest, en de ketterijen van het modernisme ijverig heeft bestreden, wordt ook wel eens de "Nieuwe Athanasius" genoemd.